







REIS OM DE WERELD IN 120 DAGEN 11 woensdag 15-11-2017
USHUAIA
Gisteren waren we de hele dag in Ushuaia. In de meest zuidelijke stad van de wereld en Zuid-Amerika is het lente, de paardenbloemen bloeien, net als 2 gouden-regen-bomen die ik in de stad zag. Deze dag hadden we een tour geboekt. Met een bus reden we het natuurgebied van de “Tierra del Fuego” oftewel Vuurland in naar het meest zuidelijke postkantoor waar je een kaart met stempel Vuurland zou kunnen versturen, alleen het postkantoor was gesloten. Na een fotostop een kort ritje naar het meest zuidelijke treinstation. Daar stond de trein al op ons te wachten. Het treintje rijdt op smalspoor, slechts 50 cm breed. Het was bepaald geen TGV, we reden met een slakkengangetje door een prachtig landschap met een sneller stromend riviertje, geflankeerd door hoge bergen met eeuwige sneeuw. We eindigden na een half uur op het eindstation dat vlak naast de meest zuidelijke golfbaan ter wereld ligt. ’s Middags hebben we nog in de hoofdstraat van Ushuaia rondgeslenterd en gewinkeld. Opvallend de felle kleuren waarin de huizen zijn geschilderd; volgens de gids is het een reactie op de nogal grijze dagen het grootste deel van het jaar: het regent in Ushuaia 200 dagen per jaar… Wij hadden een behoorlijk zonnige dag en ook vandaag schijnt de zon volop!
En dus konden we heel mooi Kaap Hoorn bekijken. Cees Schuller wenste ons een rustig windje toe, hij bedoelde zo windkracht 7 of – als het wat tegen zou zitten – windkracht 8, maar Kaap Hoorn rondden we met windkracht 4, met 6 graden en met volop zon! Beter kan hier niet… Later op de dag liep het inderdaad op naar windkracht 8, de zon bleef schijnen, maar buiten moet de jas aan… De kapitein vertelde, dat hij bij de kaap de motoren had uitgeschakeld en vervolgens door de wind voorbij Kaap Hoorn werd geblazen. Hij zei, dat we “also richtig rund Kap Horn gesegeld sind”, dus echt rond Kaap Hoorn zijn gezeild… Volgens de kapitein zijn bij Kaap Hoorn zeker 800 schepen vergaan en minstens 10.000 zeelieden omgekomen. Een plek dus om met gepaste eerbied langs te varen… Het gebied wordt ook wel de “roaring sixties” genoemd, omdat het hier flink tekeer kan gaan… Vandaag door Straat Magelhaen naar Punta Arenas in Chili..
Douwe Stellinga
REIS OM DE WERELD IN 120 DAGEN 12 woensdag 15-11-2017
PUNTA ARENAS
Varend op de Stille Oeaan (in het Engels de Pacific Ocean) in noordelijke richting zie ik aan de horizon richting Chili bergen liggen als een rij tanden en kiezen: het Andes-gebergte dat aan de westkust van Zuid-Amerika van de tropen tot het zuidelijkste puntje loopt. Toen we vannacht Straat Magelhaen uitkwamen, hadden we ineens windkracht 8-9 en golven van een meter of 5. De golven komen ook nog eens uit verschillende richtingen, dus echt lekker rustig lagen we niet tussen de lakens… Als zo’n grote golf het schip tegenkomt hoor je een doffe dreun en voel je een siddering door het schip gaan. Door die golf wordt het schip opgetild en even later duikt het het golfdal in. Door het verschil tussen wat je ziet en wat je voelt, worden mensen zeeziek. Gelukkig heeft geen van ons daar last van…
Gisteren in Punta Arenas was het weer niet om over naar huis te schrijven, dus buiten te vertellen dat het regende en koud was, doe ik dat ook maar niet! We waren een beetje boos toen we tijdens ons uitstapje naar de Estancia Rio Penitente te horen kregen, dat de beloofde demonstratie met schaapherdershonden niet door zou gaan. En daarvoor ging met name Marian nou juist… Verder was het eigenlijk een verregende dag, waardoor we veel hebben gemist voor ons gevoel. Maar wat is Patagonië een leeg land… Wat een ruimte…
Daarom doe ik er maar een foto extra bij, want het samenspel van het licht, de wolken, de zee en de bergen maakt fotograferen tot een must, waarbij je op de koop toe neemt, dat je handen verstijven en dat de camera wel eens wat nat zou kunnen worden… Daarbij kan je door de wind de camera ook nauwelijks stil houden…
Douwe Stellinga
REIS OM DE WERELD IN 120 DAGEN 13 maandag 20-11-2017
PUERTO MONTT
Als er, zoals de afgelopen dagen, van die hoge golven zijn, is het je verplaatsen op het schip een af en toe hilarische klus. De golven stonden dwars op het schip, dus gaat het schip “rollen”, als ik het goed heb. Het schommelt van links naar rechts. Het halen van je ontbijt wordt dan een hele toestand. De ruimte waar je uit de lift komt, ligt in het midden van het schip op dek 9, daar schommelt het schip veel meer dan waar we op dek 4 slapen. We moeten dan naar links naar de eetzaal: het ene moment loop je naar boven en gaat dat moeizaam, het volgende moment loop je naar beneden en moet je uitkijken dat je niet op een tafeltje belandt waar al mensen zitten te eten… Als je in de lengterichting van schip loopt, kom je het ene moment bijna tussen de plakken kaas of komkommer terecht of het moment daarna zit je bijna op schoot van de een of ander en ben je bang, dat je gebakken spiegeleitje van je bord afglipt.. Gek genoeg gaat het bijna nooit echt fout, ik heb het tenminste nog niet zien gebeuren..
Zaterdagavond werd ik uitgekozen om mee te doen met de Aida Reisequiz. Met 2 anderen eindigde ik als winnaar. De beslissende extra vraag (Hoe heet het nieuwe Aida-schip?) wist ik niet, dus eindigde ik als tweede en won ik een ontbijt voor twee in een van de restaurants van het schip. Ik heb mijn priis aan Henny en Marian geschonken…
Vanwege presidentsverkiezingen in Chili, waardoor de mensen in de haven niet werkten, legden we niet aan bij een pier, zodat we met de reddingboten van de Aidacara naar de wal werden gebracht. Die bootjes heten dan geen reddingboten, maar tenders… Ook weer een aparte belevenis.
Gisteren hadden we een landdag in Puerto Montt; je schrijft het écht met 2 t’s. Het plaatsje zelf vond ik er redelijk welvarend uit zien. We hadden deze keer geen AIDA-tour geboekt, bij de uitgang stonden tientallen taxichauffeurs zich te verdringen om ons toeristen een poot uit te draaien. Uiteindelijk gingen we met José naar de watervallen en het stadje Puerto Varas aan het Lago Llanquihué. Dat is een dorpje waar in het verleden heel veel Duitsers zich hebben gevestigd, ook al voor de Tweede Wereldoorlog. Onderweg werd het weer steeds beter en helderder. We hadden zo een prachtig uitzicht op de vulkaan de Osorno met een heel gelijkmatig gevormde kegel, die helemaal bedekt was met sneeuw… Bij de watervallen “Saltos del Petrohué” zo'n 30 kilometer verderop in het natuurgebied Parc Nacional Vicente Pérez Rosales viel het erg op, dat de bodem bestond uit zwarte lava die er zeker nog geen tientallen jaren heeft gelegen.. Er zal nog niet zo heel lang geleden een uitbarsting van de Osorno zijn geweest…
Douwe Stellinga